Vorige maand vertelde ze over haar werk als straathoekwerker. In dit interview gaat ze in op haar werk als hulpverlener voor dak- en thuisloze jongeren vanaf 18 jaar.
Hoe zien de levens van jongeren eruit voordat ze dak- en thuisloos worden?
‘Er zijn een paar situaties die eruit springen. Jongeren die van kinds af aan problemen hebben met hun ouders. Ouders die ziek zijn, psychiatrische problemen hebben, waardoor het thuis niet meer gaat.
Ouders die uit elkaar gaan, een nieuwe partner krijgen, soms een nieuw kind, en dat klikt niet. Een jongere kiest er dan soms zelf voor om weg te gaan. Of het zijn jongeren die zelf psychische problemen hebben, of verslaafd zijn en door hun ouders het huis uit zijn gezet.
We zien ook remigranten. Kinderen die hier geboren zijn, waarvan de ouders met het gezin terug naar hun land van herkomst verhuizen, maar waar de kinderen niet kunnen aarden. Zij willen terug naar hun thuisstad, en dat is Amsterdam. Maar ze komen vaak alleen terug, zonder plan, zonder geld, zonder onderdak. En dan staan ze bij ons op de stoep.
We zien soms jongeren die nergens meer ingeschreven staan en vaak ook geen id-bewijs en inkomen meer hebben. Ze slapen bij vrienden op de bank, of ergens in een schuur. De zogenoemde ‘spookjongeren’, want die jongeren zijn niet in beeld. Ze hebben geen postadres, en worden uiteindelijk door de gemeente op ‘onbekende bestemming buitenland’ gezet. Officieel besta je dan niet meer.’
Hoe ga jij te werk?
‘Tijdens de intake brengen we alles in kaart: wat is er gebeurd? Welke hulpvragen zijn er? Hoe ziet het netwerk eruit? Is er een slaapplek voor de komende nacht? Is dat laatste niet het geval, dan kan een jongere via de GGD in de noodopvang slapen.
Dan kijken we wat prioriteit heeft. Vaak is dat het aanvragen van een postadres. Daarna het regelen van het id-bewijs en een inkomen.
Als wij denken dat een jongere niet zelfredzaam is, dan kunnen we diegene bij de GGD aanmelden voor de maatschappelijke opvang. Daarna volgt daar vaak een screeningsgesprek, waarbij ik als ondersteuning meega.
De GGD beoordeelt of de jongere in aanmerking komt voor opvang en zo ja, welke opvang het meest passend is.
Is een jongere volgens de GGD voldoende zelfredzaam, dan moet er zelf een woning gezocht worden. Ik ondersteun dan nog een korte periode, waarin we kijken of Pak je Kans of Onder de Pannen een optie is.
Naast het zoeken naar een verblijfplek of woning, begeleid ik bij alles wat er nodig is om het leven weer op de rit te krijgen, zoals school en werk. Want dit zijn jongeren die meestal niemand hebben die met hen meedenkt. Die rol hebben wij.’
Wat is het grootste misverstand over dak- en thuisloze jongeren?
‘Dat het altijd aan henzelf ligt. Soms heb je gewoon pure pech. Ik ken jongeren die keihard op school hebben gewerkt en alsnog dakloos zijn geraakt, omdat ouders niet stabiel waren en de jongere verstoten hebben.
Een ander misverstand is dat ze allemaal verslaafd zijn, of een bepaalde afkomst hebben. Echt, het kan iedereen gebeuren.’
De gemeente Amsterdam heeft in april nieuwe raadsleden geïnstalleerd. Wat zou je hen mee willen geven?
‘Meer opvang alsjeblieft. Stabiele, maatschappelijke opvangplekken waar jongeren de tijd krijgen om aan zichzelf te werken, zich even geen zorgen meer hoeven te maken over waar ze moeten gaan slapen. Want in de noodopvang is niet altijd plek, je kan er maar kort verblijven en moet je iedere dag melden. Dat is al superstressvol.
Jongeren die als zelfredzaam worden gezien, die kunnen we eigenlijk niet helpen. Ze mogen niet naar de noodopvang en krijgen een document met tips om zelf een woning te zoeken. Wat heel moeilijk is in deze tijd.
Komen ze niet aan een vaste woonplek, dan takelen ze af. Je kan niet lang op straat leven en je baan en school vasthouden.
Veiligheid en stabiliteit zijn de basisvoorwaarden van waaruit je verder kan werken. Ik kan wel veel gesprekken met iemand aangaan, maar als die vanavond weer op straat slaapt, en morgen weer… Het gaat om de lange termijn, en die oplossingen zijn schaars.’
Wat geeft je voldoening als hulpverlener voor dak- en thuisloze jongeren?
‘Als een jongere die onzeker is, steeds meer zelf durft te doen, zoals een instantie bellen of voor zichzelf opkomen. Als een jongere, nadat de hulp is afgesloten, laat weten dat er een doel is bereikt, zoals het halen van een diploma of rijbewijs. Of als ik een kaartje krijg met een persoonlijke boodschap waarin diegene aangeeft blij te zijn geweest met de hulp.
Onlangs konden twee meiden doorstromen naar Kamers met Kansen. Via Kinderhulp kon ik ze ook nog een uitzet-box vol spullen geven, zoals een waterkoker, borden, glazen en bestek, echt alles zit daarin. Die waren superblij.
En vergeet mijn collega’s niet: ik werk in een heel fijn team. Even sparren, een bakkie doen of een rondje lopen, samen lachen. Je kan dit werk niet in je eentje doen.’
Lees meer over onze begeleiding aan dak- en thuisloze jongeren.