In dit interview vertelt ze over haar werk als straathoekwerker. Over twee weken lees je deel 2, waarin ze ingaat op de hulp aan dak- en thuisloze jongeren.
Wat doe je als straathoekwerker?
‘Ik ga vaak naar plekken waar jongeren zijn. Vooral in het gebied rond het centraal station en de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA), maar ik kom ook op scholen en andere plekken.
In overleggen met gemeente en politie hoor ik waar veel jongeren rondhangen, of waar overlast plaatsvindt. Ik spreek jongeren aan, vraag hoe het gaat, en ondersteun ze als dat nodig is.
Straathoekwerk verschilt van de reguliere hulpverlening. Daar worden jongeren aangemeld. Komen ze niet naar afspraken, dan moeten hulpverleners afsluiten. Als straathoekwerker ga ik zélf naar jongeren toe. Zo bereik ik ook de zorgmijdende jongeren, en kan ik langer betrokken blijven.
Voor de ROSA-aanpak (gemeentelijke aanpak voor kwetsbare meiden en jonge vrouwen red.) breng ik in kaart waar en hoe vaak straatintimidatie, grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld plaatsvindt, en wat meiden en jonge vrouwen precies meemaken: lastigvallen, aanstaren, fluiten, achternalopen, aanranding.
Maar ook of ze weten waar ze melding kunnen maken en welke organisaties hen kunnen ondersteunen. Ik vraag ook uit wat hun ervaringen zijn met hulpverlening en politie. Al die signalen bespreek ik met de gemeente.’
Wat speelt er op dit moment onder jongeren op straat?
‘Vapen is een groot probleem. Makkelijk te koop via Snapchat en vreselijk verslavend. In een vape zit bijna net zoveel nicotine als in 2 pakjes sigaretten. En in illegale vapes nog meer. Er zijn vapes in omloop met drugs, zoals THC of ketamine, waarbij het risico is om knock-out te gaan.
Daarnaast gebeurt er veel online. Zoals verzoeken via Telegram om tegen betaling je bankrekening te laten gebruiken of een pakketje weg te brengen.
Er zijn de zogenoemde meidenhuizen op WhatsApp, waar meiden allerlei persoonlijke foto’s, filmpjes en persoonlijke gegevens delen, hun school, maar ook hoe laat ze van huis gaan. Dat trekt weer preditors aan: mannen zich voordoen als meisje en kwaad in de zin hebben.
Hier praat ik met jongeren over. Je hoort dit soort dingen alleen als je zelf de straat op gaat.’
Je bent ook bereikbaar via Snap en Insta. Hoe belangrijk is dat?
‘Je kan dit werk niet doen zonder online aanwezig te zijn. Voor jongeren is online en offline één wereld. Ik geef altijd mijn Snap. Want ook als jongeren geen telefoon met simkaart hebben, zijn ze bereikbaar via Snap.
Als straathoekwerker moet je snel op de hoogte zijn van wat er onder jongeren speelt, offline en online. Ik volg alle ontwikkelingen over nieuwe media en trends onder jongeren op de voet.’
Hoe zorg je dat een jongere die zelf niet om hulp vraagt, jou wel vertrouwt?
‘Je moet een ingang vinden, en die is bij iedereen anders. Ik kijk wat voor type jongere ik tegenover me heb en daar sluit ik bij aan.
Ik begeleid nu bijvoorbeeld een jongen van vijftien die niet naar school gaat en veel problemen heeft. Hij is gek op voetbal. Daar praat ik dan met hem over en zodoende hoorde ik dat hij nieuwe voetbalschoenen nodig had, waar in zijn gezin geen geld voor is.
Via Kinderhulp heb ik voetbalschoenen voor hem aangevraagd. Op die manier bouw ik sneller vertrouwen op en kan ik makkelijk andere zaken bespreken, zoals school, een bijbaan, sociale vaardigheden.
Je kan natuurlijk niet alleen doen wat jongeren leuk vinden. Soms moet je streng zijn, problemen aanpakken. Dat lukt, zolang je maar echt naast ze blijft staan en duidelijk maakt dat je er echt voor de jongere bent, en niet voor zijn ouders of voor iemand anders.’
Wat geeft je voldoening als straathoekwerker?
‘Kleine dingen. Een goed gesprek op straat. Als het lukt om contact te krijgen met iemand die moeilijk in beeld kwam. Of die, ondanks veel ellende thuis, toch geslaagd is voor een schoolexamen. Of een jongere vindt een leuke baan, nadat ik heb geholpen met het maken van een cv.’